Een vreemd café aan het Museumplein

Barneys Beanery

Foto: Own work assumed (based on copyright claims), CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=773326

De drie Grote Musea op het Museumplein zijn eindelijk allemaal weer open. Ook ik wilde meteen naar Amsterdam afreizen, maar pas midden juni lukte het me erheen te gaan. Het Van Gogh heb ik toen nog even overgeslagen, maar ik heb wel het Rijks en het Stedelijk bezocht.

Ik vond de entreezaal van het Rijksmuseum erg onoverzichtelijk en ook helemaal niet mooi. Ik moet toegeven dat ik wat last heb van agorafobie, en dan is zo’n hal met onduidelijke richtingen en ingangen niks. Het was me in het museum zelf nog wat te druk om echt van de schilderijen te kunnen genieten, dus heb ik het maar bij een ‘verkennende tocht’ gehouden. De meeste tijd heb ik doorgebracht bij de moderne kunst bovenin (ook meteen het rustigste deel), en de speciale collecties helemaal beneden (oude wapens, oude muziekinstrumenten, toverlantaarns…). Eerlijk gezegd heb ik het Stedelijk altijd al leuker gevonden, dus daar ben ik toen maar snel naar overgestapt.

Ik ben een fan van audiotours – luisteren en kijken tegelijk in plaats van lezen en kijken tegelijk – dus het eerste wat ik in het Stedelijk deed, was zo’n kastje huren. De touchscreen deed het helaas niet heel goed, maar met wat vingergemep heb ik toch heerlijk genoten van de collecties in het Stedelijk. Ik hou van chronologie, en gelukkig zijn zowel het Stedelijk als het Rijks niet gezwicht voor het ‘Nieuwe Tentoonstellen’ op bijvoorbeeld thema of materiaal. Ik vind dat vaak wat vergezocht en niet bevorderend voor een meer kunsthistorische beleving van de werken.

Een van de nieuwe topstukken van het Stedelijk is de in 2012 door het Stedelijk zelf gerestaureerde constructie/scenery van Edward Kienholz: The Beanery (1965). Het is een minigebouwtje waar onder toezicht van een suppoost steeds één bezoeker per keer in mag. Kienholz heeft er zijn oude stamkroeg in nagebouwd, compleet met stank, geluid en mensen (poppen dus). De mensen hebben echter stilstaande klokken in plaats van gezichten. Deze klokken slaan op de tijd die stil lijkt te staan in een café. De werkelijke tijd is er ook te zien in de vorm van krantenartikelen over de Vietnamoorlog. De barman is overigens logischerwijs de enige zonder klokgezicht.

Het werk van Kienholz kende ik vooral van zijn andere ‘viezige’, wat beklemmende inrichtingen, zoals The Hospital – werken die doen denken aan de clips van de band Tool. Ik had me voorbereid op een bijzondere beleving van dit beroemde café, waar bijvoorbeeld Jim Morrison regelmatig door kroegbaas Barney wegens wildbinnenplassen naar buiten werd geschopt. Kienholz is gewoonlijk  goed in het overbrengen van sober-realistische geëngageerde gevoelens, maar het bezoek aan dit vreemde café viel toch wat tegen. Om de een of andere reden was ik toch in een museum – niet in een beklemmende clip van Tool. Misschien moet ik er de volgende keer ’s avonds heen, met wat goedkope bourbon.

(De Webspinner, 2013)

Geen reacties mogelijk