Het moment van de… uh…

leugendetector

Foto: Ed Westcott

‘Stelling: Ik denk regelmatig aan mijn schoonmoeder tijdens de seks met mijn vrouw.’ Een indringende blik van Robert – Dies Irae – Ten Brink. ‘Waar of niet waar!’ roept hij plechtig in de camera. Een pijnlijke stilte volgt – gespannen gezichten bij de familie, waaronder die van de schoonmoeder. En nog meer stilte.
‘Nee.’
Wat knikkende familieleden. Nog heel veel stilte. En nog meer stilte. Robert ten Brink groeit uit tot één groot starend ding. Dan een tomtomachtige vrouwenstem: ‘NIET WAAR’.
Geschrokken publiek en smullende kijkers (waarom doe je er dan ook aan mee, sukkel). De schoonmoeder schudt haar hoofd en kijkt naar de grond. Een moeilijke lach op het gezicht van vrouwlief.

Eergisteren zagen mijn vriendin en ik iets raars op tv: Het moment van de waarheid. Het was een soort show met dubieuze vragen en een hoog wat-doe-je-jezelf-aangehalte. Wat moest ik hiermee? Eens zien wat Wikipedia – mijn trouwe derde hersenhelft – mij hierover kan vertellen…
‘Een kandidaat krijgt onder leiding van Robert ten Brink eenentwintig vragen. De kandidaat moet deze vragen eerlijk beantwoorden. De kandidaat zit echter vast aan een leugendetector en de antwoorden worden ook bekend gemaakt aan de familie. Elke keer wanneer de kandidaat eerlijk antwoord geeft op de vraag, maakt de kandidaat kans op meer geld, maar wanneer de kandidaat een leugen vertelt, wint hij niets.’
Uh, wacht even. Wat stond daar nou? ‘De kandidaat zit echter vast aan een leugendetector’. Ja, het staat er echt! En ja, daar staat het ook echt: ‘Elke keer wanneer de kandidaat eerlijk antwoord geeft op de vraag, maakt de kandidaat kans op meer geld.’

Kijk, dan gaan mijn hersenen ratelen, en wel de cortex ethica, bij mij niet eens zo erg groot. En dan ga ik verder op zoek op ‘mijn’ wiki (en wel de Engelse in dit geval): ‘There is little scientific evidence to support the reliability of polygraphs [leugendetectors]. Despite claims of 90% – 95% reliability, critics charge that rather than a “test”, the method amounts to an inherently unstandardizable interrogation technique whose accuracy cannot be established. A 1997 survey of 421 psychologists estimated the test’s average accuracy at about 61%, a little better than chance.’

Ben ik de enige die dit toch wat vreemd vindt, zo’n constructie? Nee, gelukkig vind ik op internet stukken waarin dezelfde twijfel wordt geuit. Meneer Ten Brink zegt in een van die stukken dat hij het net als All you need is love ‘sociologisch verantwoord’ vindt. ‘Maar,’ zult u mij zeggen, naast eerst enkele termen als ‘betutteling’ geuit te hebben, ‘maar die mensen kiezen er toch zelf voor?’. En kijk, daar zit ’m nu wat mij betreft precies het probleem: nee namelijk, mensen kunnen niet altijd voor zichzelf kiezen. Mensen lokken met geld en zichtbaarheid op tv, vervolgens wellicht psychisch schade toe te brengen en dan zeggen dat het hun eigen schuld is… en dat met een scherprechter waarop je niet kunt vertrouwen? Ja, anderen zullen er wellicht anders over denken, maar ik heb daar een vervelend gevoel bij.

Maar wie ben ik? Misschien is het wel puur liefdadigheidswerk van Robert ten Brink, en laat hij een Nederland achter vol van gezuiverde geesten en open, gezellige en intieme familiebanden. Waar of niet waar?

(Caviazwerm, 2008)

Geen reacties mogelijk