Insecten voor kinderen

Insectenboekjes voor kinderen

Ben ik de enige die in de Hema stiekem watertandend staat te kijken bij de ‘leer-speel’-artikelen voor kinderen? Al die spulletjes en boekjes en dozen voor kleine onderzoekertjes (bioloogjes, geoloogjes, paleontoloogjes, natuurkundigjes, scheikundigjes en meer) maken mij jaloers op de kinderen die er de leeftijd wél nog voor hebben. Enkele dagen geleden kreeg ik van mijn vrouw de Insectengids voor kids – ‘alvast voor later, voor Karel’.

Hema laat het boekje aansluiten op een van hun andere artikelen: de insectenkijker (een loeppotje). Zelf had ik als kind al zo’n potje, en ook had ik een kinderinsectenboekje: De kleine insektengids, nog uit de tijd dat insecten met een k werden geschreven. Tijden veranderen: het boekje van de Hema is hip vormgegeven. Het bevat veel plaatjes met korte kreten en tekstjes erbij. Van de meest opvallende insectengroepen worden één of meer soorten (of geslachten) kort ‘tentoongesteld’. Het is vooral een showcase van wat er zo al is, zeker geen bruikbaar boek om te determineren of om meer te doen dan met een loep op jacht te gaan. Dat is niet erg; zeker in deze tijd waarin ouders en hun kinderen steeds verder van de natuur verwijderd raken, is een dergelijk boekje een welkome aanwinst. Door die ‘enge kriebelbeestjes’ te beschrijven, in het groot te laten zien en interessante weetjes te vertellen, zal het bij kinderen interesse en verwondering wekken, in plaats van angst en afkeer. Helaas zie ik nog al te vaak kinderen geïnteresseerd naar een beestje kijken, waarna een ouder na het roepen van ‘dat is bah!’ het diertje omvormt tot een onherkenbare vlek. Maar beestjes zijn niet bah: ze zijn nuttig én kleine wonderen voor wie er goed naar wil kijken.

Op de achterkant van de Insectengids voor kids staat dat het boekje geschikt is voor kinderen van 4-8 jaar. Wat betreft plaatjes kijken kan dat waar zijn, maar de tekst bevat nogal complexe woorden en omschrijvingen. Het is daarom zeker ook, of misschien wel nog meer geschikt voor wat oudere kinderen. Dat geldt ook voor De kleine insektengids, die nog overal tweedehands te koop is. Het leuke van dít boekje is dat er veel dieper wordt ingegaan op veldwerk voor kinderen. De beschrijvingen van de insecten zijn veel langer (dus meer tekst), en behelzen vooral insectengroepen en minder de aparte soorten (dus ‘mieren’, ‘sprinkhanen’, ‘mestkevers’ i.p.v. ‘de blauwvleugelsprinkhaan’).

Een klein nadeel van beide boekjes is dat het gaat om vertaalde boekjes. Er staan daarom soorten in die in Nederland zeer zeldzaam zijn of hier niet voorkomen (de meeste komen hier overigens wel voor). Omdat De kleine insektengids minder inzoomt op aparte soorten, heeft dit Zweedse boekje minder last van dit probleem dan zijn Franse tegenhanger Insectengids voor kids. Verder staat in beide boekjes hier en daar wat misinformatie. Dit wordt onder andere veroorzaakt door slechte vertaling, verjaring, andere plaats van uitgave en door versimpeling van de feiten.
Hiermee kom ik meteen bij de vraag: zijn dergelijke boekjes eigenlijk geschikt voor volwassenen? Het antwoord is mijns inziens tweeledig. ‘Ja’ als het gaat om volwassenen die volledig leek zijn en wellicht vervreemd van de natuur. Deze boekjes geven op een begrijpelijke manier een goed overzicht van de entomologie (‘kriebelbeestjeskunde’) en maakt het ook interessant en minder eng. ‘Nee’ als het gaat om volwassenen die het willen gebruiken voor het leren van soorten, om te determineren of als een serieuze inleiding en informatiebron. Voor deze mensen raad ik toch insectengidsen voor amateurs aan zoals Vlinders en andere insecten van de veldgidsenserie van Reader’s Digest.

Insectengids voor kids   door Antoine Brin & Lionel Valladares

(Zuidnederlandse Uitgeverij N.V., Aartselaar, 2011, vert. door Anne Talboom; oorspr. Les petites bêtes, ill. Anne Eydoux, Editions Milan, Toulouse, 2007)

De kleine insektengids   door Lars Klinting

(Uitgeverij Ploegsma bv, Amsterdam, 1992, vert. door Mariyet Senders; oorspr. Första Insektboken, Rabén & Sjögren, Stockholm, 1991)

Vlinders en andere insecten van West- en Midden-Europa   uit de serie ‘Veldgids voor de natuurliefhebber’

(Uitgeversmaatschappij The Reader’s Digest NV, Amsterdam, 2004, Vert. door Honders VOF en bewerkt door E. Möhn; gebaseerd op Nature’s Lovers Library – Field Guide to Butterflies and other insects of Britain, The Reader’s Digest, Londen)

(Lezen-kijken-luisteren, 2011)

Geen reacties mogelijk