Onbekende soldaten

graf onbekende soldaat

Foto: Amazonite – en:wiki, CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=2592427

Ik kan slechter tegen warme zomers dan koude winters, maar het is toch fijn om je in deze tijd van het jaar qua temperatuur binnen niet buiten te wanen. En heerlijk warm is ons huisje. Maar één kamer is niet warm te krijgen: dat is de studeer/werk/logeerkamer. Op deze kamer zit ik het meest, aangezien ik grotendeels daar studeer en eerder ook werkte (nee, ik logeer er niet – M en ik hebben namelijk nooit ruzie). En ik telebankier daar ook, probeer er schrijfsels in elkaar te zetten en doe er verder alle andere dingen die ik op een computer moet doen.

De verwarming kan wel aan en wordt ook heet, maar op miraculeuze wijze straalt die warmte niet verder dan zo’n 2, 3 centimeter. Het voordeel daarvan is dat ik op deze manier ziekelijk blijf en word geplaagd door stijve vingers, trillende handen en een beslagen monitor. Zo zal ik later herinnerd worden als die figuur die in het rijtje past van de tuberculoze Poe, de diep-tragische Kafka en de in zijn tijd verguisde Van Gogh (om nog maar te zwijgen van Joshua Abraham Norton). Na mijn dood zal ik beroemd zijn en zal er nog steeds om mijn erbarmelijke leven worden getreurd. En dat allemaal door die vreemde convectiestromen in de kamer waar ik nu dit logje typ.

(Maar wie zijn de mensen die dagelijks moesten lijden door het lot en hun levenswerk, en die samen met hun vernieuwende, wereld- en mensbeeldveranderende, diep-primaire en alles-ontroerende werk door niemand ooit zijn opgemerkt tijdens het leven en na hun dood? En waar liggen zij begraven?)

(Caviazwerm, 2008)

Geen reacties mogelijk