Rotte appel

rotte appel

Foto: Martin Thoma

Op de koelkast staat een fruitschaal. Aha, daar stond ie dus. Helaas geldt voor mij in dit geval de babyregel: uit het oog is uit de hersens.
Een bruine, min of meer schijfvormige appel staart mij versmaadbaar en mopperig vanuit de schaal aan. De andere appel en de peer zijn echter nog goed. Snel eet ik ze op en voel de vitamines door mijn lichaam vloeien.
Twee stuks fruit per dag. Daar denk ik vaak aan –  ’s nachts of als ik bij iemand anders ben, die toevallig een fruitloos dieet volgt. Ja, ze bedenken de raarste diëten: geen vet, alleen vet, geen gele groente, alleen kruiden met een t erin… Ik heb dat niet zo. Gevarieerd eten en alles niet té – dat is wat mij betreft het beste, samen met ‘eerlijk en groen’.
Maar goed, waar het gaat om fruit laat ik te vaak een steek vallen. Soms kijk ik in de spiegel en zie ik mijzelf vol open wonden en etterende zweren. Dan denk ik er wel aan fruit te eten. Maar vaak ook is het dan een dag dat de winkels dicht zijn of bedenk ik een andere smoes waarom ik echt die bananen, appels en sharonvruchten niet kan halen.

‘Myriaden’ is ook zoiets. Ooit heb ik plechtig beloofd dat ik dat woord geregeld zou gebruiken (ik had het woord, net als de parelhoenders, geadopteerd), maar ik zie nu dat ik weer even van deze last vrij ben. Kijk, toch nog een meevaller vandaag.

(Caviazwerm, 2009)

Geen reacties mogelijk