Watchmen – inleiding

‘Een meditatie over Nietzsches übermensch. Een moordmysterie. Een sciencefictionepos. Een psychologisch essay. Een stripboek.’ Zo begint de bespreking van Watchmen in 1001 Boeken die je gelezen moet hebben. De schrijver van het artikel eindigt met: ‘De term “beeldroman” is vaak misbruikt en slecht gedefinieerd, maar Watchmen blijft het grote voorbeeld.’
Maar wat is Watchmen dan precies voor boek – een strip die in een literaire canon staat?

Blader je Watchmen van schrijver Alan Moore en tekenaar Dave Gibbons even snel door, dan lijkt het een standaard superheldenstrip. Niks is echter minder waar. Alan Moore speelt weliswaar met de erfenis van al die stripreeksen van DC Comics en Marvel Comics – waar ook hijzelf in het verleden aan heeft bijgedragen – maar breidt die erfenis in dit boek tegelijk uit naar een echt literair meesterwerk in alle aspecten.
Niet lang na de publicatie van Watchmen, begon Neil Gaiman met zijn bekende stripreeks The Sandman, waar ikzelf een groot liefhebber van ben. Neil Gaiman is een van Moores leerlingen (en tevens een van de vier aan wie Moore Watchmen heeft opgedragen). In mijn ogen heeft Gaiman een nog meesterlijker en complexere stripreeks geschreven, die voor mij nog steeds bij elke herlezing nieuwe details, verwijzingen en vormgerelateerde trucs prijsgeeft. Echter, Gaimans werk heeft waarschijnlijk alleen kunnen ontstaan door het volgen van zijn grote voorbeeld Moore en moet dan ook gezien worden als een aemulatio van Moores strips.
In een aantal volgende logs over Watchmen zal ik duidelijk maken welke mogelijkheden het stripmedium biedt, en dat er genoeg strips zijn die ook literatuur zijn.

Watchmen   door Alan Moore (illustrator: Dave Gibbons)

(DC Comics, 1986-1987)

The Sandman   door Neil Gaiman (verschillende illustratoren)

(DC Comics – Vertigo, vanaf 1989-1996)

1001 Boeken die je gelezen moet hebben   Nederlandse editie

(red. Peter Boxall & Ed van Eeden, Librero 2009)

(Lezen-kijken-luisteren, 2010)

Geen reacties mogelijk