Winterdepressie en lentekriebels

Kerstmis 2010: mijn familie vierde kerst bij ons thuis, op onze flat. Mijn vrouw was zwanger, maar had nog een maand te gaan vóór de uitgerekende datum. Omdat er nu toch vele handen waren, zetten we alvast de klossen onder ons bed. De legendarisch woorden die ik daarna uitsprak, zullen mij (wat mijn vrouw betreft) tot in de hel blijven achtervolgen: ‘Zo, nu kan de baby komen.’
Die nacht braken de vliezen en twee dagen later werd mijn zoontje geboren. De kerstafwas stond nog op het aanrecht. Met oudjaar kwamen mijn vrouw en zoontje thuis – om twaalf uur ’s nachts verschoonden we de baby en dronken Jip-en-Jannekewijn.

Lees deze column verder op Ouders Onderling.

(Ouders Onderling, 2014)

Geen reacties mogelijk